Het dier en de dood – Jacht, moderniteit en de crisis van het ‘wilde’

Het is al meer dan een eeuw geleden dat de Nederlandse libertaire juriste Clara Wichmann op kwam voor de ‘rechtspositie van (huis)dieren’. Haar visie werd niet vergeten door de makers van de Duitstalige bundel Das Schlachten beenden! Zur Kritik der Gewalt an Tieren (Ophouden met het slachten. Kritiek op het geweld tegen dieren),* uitgegeven door Graswurzelrevolution (Heidelberg, 2010; zie de bespreking). Niet dat het daarmee was afgelopen… 

Nog dagelijks wordt er actie voor gevoerd of een pleidooi voor gehouden. Ook  de Franse antropoloog Charles Stépanoff heeft daarop een visie. Enige tijd geleden besprak ik nog zijn recente boek over ‘bindingen’ (Attachements, 2024, zie hier). In een vraaggesprek met France Inter (19 november 2022), naar aanleiding van een eerder verschenen boek van hem, betoogde hij:  ‘Er bestaat een industrialisatie van het geweld en tegelijkertijd het camoufleren ervan’. Ik vertaal enkele alinea’s uit het vraaggesprek. [ThH]

Gedwongen om vanwege de Covid-pandemie in Frankrijk te blijven, legde de antropoloog Charles Stépanoff zijn onderzoek naar inheemse volkeren in Siberië terzijde. Hij ging zich concentreren op de jachtpraktijken in Frankrijk. Het resultaat was een boek, getiteld L’animal et la mort – Chasses, modernité et crise du sauvage (Het dier en de dood -–Jacht, moderniteit en de crisis van het ‘wilde’).

Uit zijn gesprekken met jagers, boeren en boswachters komen verschillende observaties naar voren. De eerste is dat er niet één jager is, maar verschillende soorten jagers. ‘We kunnen een heel duidelijk verschil vaststellen tussen jacht in het buitenland, zoals safari, die gebaseerd is op toerisme, en jacht op bekende grond, die gebaseerd is op kennis, dagelijkse praktijk en het bewerken van het land door boeren en boswachters’, legt hij uit in het vraaggesprek met France Inter.

Boerenjacht ‘is gebaseerd op een boerenethiek’, zegt de antropoloog. ‘Er blijft een verband bestaan tussen zelfvoorzienende jacht en de jachtethiek, die mijn gesprekspartners vaak herhalen: als je jaagt, moet je eten’. Vanuit deze visie op de jacht ontstaan netwerken van herverdeling, solidariteit en uitwisseling die sociale banden scheppen. ‘Het is een jacht die overdaad en verspilling verbiedt, en boerenjagers zeggen dat ze zich onderscheiden van de burgerlijke of adellijke jager die doodt om te doden en die niet eens weet hoe hij vlees moet bereiden of paté moet maken van zijn everzwijn.’

Geweld dat we niet willen zien

In zijn onderzoek wijst Charles Stépanoff ook op een paradox tussen ‘het toegenomen, geïndustrialiseerde geweld’ in Frankrijk, ‘waar 3,2 miljoen dieren per dag worden gedood’, en de ‘camouflage’ van dit geweld. Die camouflage maakthet mogelijk om elke dag, je hele leven, vlees te eten zonder ooit een dier te hebben gedood. Dit is ondenkbaar in andere samenlevingen’, legt hij uit. [Het is eveneens van toepassing voor Nederland waar in 2022 dagelijks meer dan 1,7 miljoen levende wezens werden gedood, zie hier; thh.].

‘Moderne samenlevingen hebben een soort uitbuitende relatie uitgevonden die nog nooit eerder in de geschiedenis van de mensheid zo destructief is geweest, met geweld tegen dieren dat hun bestaan als ecologische, intelligente wezens volledig ontkent’. Aan de andere kant: ‘nooit zijn samenlevingen zo gevoelig, zo oplettend en zo intolerant geweest voor de aanblik van bloed en geweld’.

Charles Stépanoff doet ook verslag van het debat dat onder jagers woedt over wat jagen is. In zijn boek schrijft de antropoloog dat het ‘een vrijwillige confrontatie is tussen mensen en een wild dier dat zich daartegen kan verzetten’. Veel dieren worden dan ook gedood in slachthuizen, maar ‘het is geen jacht, omdat vee niet kan ontsnappen, de omstandigheden zijn er niet op ingericht dat ze zich kunnen verdedigen. Het begrip jagen is alleen van toepassing op situaties waarin het dier zich in zijn omgeving bevindt en over technieken en intelligentie beschikt, die het in staat stelt het menselijke roofdier het hoofd te bieden’, aldus Charles Stépanoff.

France Inter, 19 november 2022, zie hier. (Vertaling Thom Holterman).

* Het artikel van Clara Wichman, ‘De rechtspositie der huisdieren’ (1920), is in het Nederlands onder meer te lezen in de bundel Bevrijding, Een keuze uit het werk van Clara Meijer Wichmann, samengesteld en in geleid door Thom Holterman en Hans Ramaer, Amsterdam, 1979.

Clara Wichmann is een van de wegbereiders voor een andere, libertaire, kijk op recht. Wie meer over die andere kijk wil weten, wijs ik op de onlangs verschenen brochure Anarchistische recht, uitgekomen in samenwerking met de libertaire boekwinkel Het Fort van Sjakoo, Amsterdam; aldaar te koop of te bestellen, zie hier.

– door Thom Holterman, eerder verschenen bij Libertaire Orde