(Geschreven zaterdag 10 december 2016)
Ze zeggen dat het vandaag Dag van de Mensenrechten is. Nou, dat merken we. Ver weg, en ook dichtbij maakt de Orde, dat Gevestigde geval dus, van die mensenrechten een aanfluiting, net als op alle andere dagen van het jaar. Het afkondigen van een aantal mooie principes beschermt niemand echt tegen de schending ervan. Maar het klinkt mooi, die mensenrechten. Het geeft de Orde een humane uitstraling. Het geeft advocaten en NGOs een zinvolle dagbesteding, nietwaar?
Voor de vrijheden die in mensenrechtenteksten worden geformuleerd, hoeven we die Orde intussen niet te bedanken. Voor zover er iets van terechtkomt, althans van die mensenrechten die echt iets positiefs uitdrukken, hoe indirect vaak ook, komt dat door onszelf. Maar laten we eerst eens kijken hoe daarmee op een zaterdagochtend 10 december, en in de aanloop, mee wordt omgesprongen. We houden dat prachtige document, de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens , bij de hand. Ik kom tot drie specifieke schendingen: artikel 12, artikel 1 en artikel 19. Natuurlijk zijn de hieronder gehekelde vergrijpen van de gymnastiekvereniging en de politie niet kwalijk omdát ze in strijd zijn met die artikelen; dat zijn ze sowieso. Maar dat ze in strijd zijn
met die artikelen; dat zijn ze sowieso. Maar dat ze in strijd zijn met die tekst, geeft wel aan hoe de Orde met haar eigen rechtsbeginselen omspringt als het haar uitkomt.
Vandaag, op de Dag van de Mensenrechten, stonden er twee politieagenten op de stoep bij activiste en schrijfster Joke Kaviaar. Wat er gebeurde, en waar het om ging, is te lezen in een artikel op de website van Doorbraak. Ga daar gerust kijken, bijvoorbeeld als je het onderstaande te onwaarschijnlijk vindt voor woorden.
De agenten wilden praten, ze deden een voet tussen de deur, ze eisten dat Joke haar ID toonde. Joke wilde niet praten, Joke wilde de agenten niet toelaten in haar huis, en Joke wilde geen ID tonen. Groot gelijk. Ze is zoiets juridisch helemaal ook niet verplicht, maar de agenten dwongen haar zo ongeveer met hun agressieve vasthoudendheid. Daarmee schonden zij haar recht op privacy in haar eigen woning, iets dat met individuele vrijheden en dus met mensenrechten te maken heeft. Artikel 12: “Niemand zal onderworpen worden aan willekeurige inmenging in zijn persoonlijke aangelegenheden, in zijn gezin, in zijn tehuis…”.
(Lees verder bij de bron van dit artikel)
Via:: ravotr