Het is 1854. Alle Amerikanen zijn gefascineerd door de bloeiende industriële, slavenhoudende en materialistische maatschappij… Allemaal? Nee! Een jonge man, Thoreau, een natuurliefhebber en beginnend filosoof, heeft besloten een andere weg in te slaan. Zijn plan is om een hut te bouwen aan de oevers van de vredige Walden Pond in Massachusetts, om een eenvoudig leven te leiden. Aldus presenteert de Franse uitgever Dargaud het stripboek geschreven en getekend door Catherine Meurisse, getiteld Le clan de Walden (2026).
Rond de genoemde Thoreau verzamelen zich dieren die allesbehalve verlegen zijn, spraakzaam en zeer vertrouwd met het land dat ze bewonen. Die zijn niet van plan het aan mensen af te staan. Wanneer ze zich realiseren dat Walden Pond wordt bedreigd door de bouw van een stuwdam, bereiden Thoreau en zijn menselijke en dierlijke vrienden zich voor op de strijd. De Clan wordt gevormd. Hun plan van actie zal explosief zijn, is de voorspelling.
Toch raad ik (thh.) aan om op te letten. In dit verhaal speelt niet de historische Henry Thoreau een rol. Zijn fictieve naamgenoot wel. Een aantal elementen zijn dan ook aan het hedendaagse milieuactivisme ontleend, zoals de strijd tegen stuwdammen en megawaterbassins ten behoeve van agro-industriële boeren. Het stripboek van Catherine Meurisse, Le clan de Walden, is dus geen vertaling van het boek van de filosoof Henry Thoreau (1817-1862), Walden, or Life in the Woods (1854)*. Het is wel drager van facetten ervan, zoals vormen van prefiguratie van een ander leven, verzet en (burgerlijke) ongehoorzaamheid. ‘Het is overgoten met een Monty Python saus’, zegt Catherine Meuwisse tegen Le Monde (7 augustus 2026). Het milieuactivisme is een serieuze kwestie en ‘humor is een manier om de aandacht te heroriënteren. Het is een verzetslach’.
– Thom Holterman (nieuw blog ‘Libertair Tegenwicht’ in aanbouw)
* Het boek van de historische Henry Thoreau is voor het eerst in het Nederlands vertaald in 1902 en daarna opnieuw in het kader van het ontluikende milieuactivisme (dan aangevuld met Thoreau’s tekst De plicht tot burgerlijke ongehoorzaamheid).
